De volmaakte reis bestaat niet – Joost Pollmann

Hij noemt zichzelf een stadsmens, maar geeft niettemin hardnekkig blijk van liefde en belangstelling voor de natuur, voor landschappen, voor bomen vooral in allerlei gedaanten, voor grassen, stenen en gebergten.
Ronald Ruseler (1950) heeft de muren in zijn atelier aan de Linschotenstraat in het Rozenprieel behangen met geschilderde vegetatie. Aan een zijwand hangt het grote doek ‘Onvoltooide tuin II’ – 2017|2018 waarop planten en bomen zijn weergegeven in een waaier een stijlen, van abstract tot figuratief. Dat weerspiegelt Ruselers artistieke credo: “Ik wilde me niet vastleggen in één stijl, zoals bijvoorbeeld Mark Rothko, die trouwens wel een held van mij is. Ik heb altijd artistieke vrijheid nagestreefd; als je mijn oeuvre met een kasteel zou vergelijken, kun je zeggen dat ik alle kasteeldeuren en -ramen tegen elkaar heb opengezet. Ik heb veel stijlen gebruikt, alles wat me in het modernisme interesseert, moet ik kunnen toepassen. Maar vanaf het begin is er toch iets geweest dat het inhoudelijk bij elkaar hield, en dat is de houding van de mens ten opzichte van de natuur. Wat mijn eigen begrip van die natuur is, probeer ik in mijn werk te doorgronden. Ik zeg altijd dat ik een romanticus ben, maar het begrip ‘romantisch’ is ook gevaarlijk. In de politiek leidt het vaak tot ellende. Dat hebben het communisme en fascisme wel bewezen.” Omdat romantiek haaks staat op feitelijkheid, bedoelt hij, en zich verzet tegen wetenschappelijke realiteitszin. “Ik word dan ook heen en weer geslingerd tussen de hang naar het Sublieme en de zegeningen van de Verlichting.”

Toch is Ruseler in het dagelijks leven heel pragmatisch geweest. Als jongen zat hij in Velsen op de Vissering Scholengemeenschap (het latere Vellesan College), haalde vervolgens zijn MO-B-akte op de Academie voor Beeldende Vorming in Amsterdam en heeft vervolgens 41 jaar lesgegeven op de school waar hij eindexamen heeft gedaan. “Een fantastische leuke school, wel met weerbarstige kinderen, kenmerkend voor een haven- en kustplaats, maar als je eenmaal de goede toon te pakken hebt… Ik gaf er twee dagen per week les en ik ben dus altijd zelfvoorzienend geweest.”

De andere vijf dagen in de week gebruikte hij om kunst te maken en om te reizen. Ruseler is een echte wereldreiziger en heeft samen met zijn partner en collega Margreet Bouman alle continenten bezocht. Enkele jaren terug heeft hij een poster laten drukken die hij ‘De Imaginaire Reis’ noemde en waarop in de stijl van een metro-plattegrond al zijn reisbestemmingen zijn gerubriceerd: een indrukwekkend aantal. Afgelopen jaar bezochten hij en Margreet nog Patagonië en Antarctica, volgend jaar staat de Trans-Siberië-express op het programma. Dat zijn reëele reizen, zou je zeggen, waarom noemt hij ze imaginair? “In mijn fantasie ben ik bezig aan een wereldreis die begint bij mijn voordeur en eindigt bij mij achterdeur. Maar de volmaakte reis bestaat niet, je kunt niet alles zien en meemaken, zoals je ook niet alles in het leven kunt bereiken. Elke reis is een constructie, die je confronteert met het onmogelijke.”

In 2011 exposeerde Ronald in Castellym Acqvae. “Het was een combi: werken op papier, grote oerwouden en m’n reiskoffer.” Die reiskoffer was er een uit een serie die inmiddels bijna allemaal is uitverkocht. Er horen 25 schilderijtjes bij, maar er passen er maar 24 in de koffer. “Het is dus een onmogelijke koffer, die verwijst naar de Japanse Zen-tuinen waarin bijvoorbeeld expres een steen is verborgen om de harmonie te verstoren.” De oerwouden zijn collages van uitgeknipte planten en bomen die zijn geschilderd met verdunde acrylverf, een herinnering aan zijn bezoeken aan de oerwouden in het noorden van Australië.
“Het goeie van Harry Swaaks initiatief,” zegt hij, “is de belangeloosheid. Voor de exposerende kunstenaars is dat supertof. Je hoeft niets van de verkoop af te staan, maar ook lang daarna heeft zo’n tentoonstelling nog een positief effect.” Als dank schonk hij Harry ‘De heilige bron van Yudono San’, een schilderijtje van groen gras met een feloranje toets, dat verwijst naar een bezoek aan een zeer groen dal in het noorden van Japan, dat sterk contrasteerde met de knaloranje bron van geöxideerd water.

Ronald Ruseler was in 1992 betrokken bij de oprichting van de Vishal als kunstenaars- vereniging. Niet als initiatiefnemer, want dat waren vooral Marijke Don en haar groep. Zij ontdekte dat het Frans Halsmuseum, waarvan de Vishal toen nog deel uitmaakte, gaten liet vallen in de programmering: niet alle capaciteit werd gebruikt. Haar groepje kunstenaars stelde aan het museum voor om die gaten in de programmering zelf op te vullen. Ronald ging mede tentoonstellingen maken, zoals met Carla Spruit,, de veelbezochte ‘Kus Me Kus Me Zeeman’, die werd bekeken door ruim 10.000 mensen. De catalogus werd een collector’s item.
Wat vindt hij van de Vishal anno nu? “Het gaat goed. Het stemt me optimistisch dat de Vishal in deze vorm nog bestaat. De Vishal biedt een ongelooflijk breed podium op een toplocatie, met kunst voor alle gezindten; we zitten niet in een niche en worden helemaal door vrijwilligers overeind gehouden, ik geef het je te doen. Ik ben nog steeds ambassadeur van de Vishal en maak een rondje naar de politiek als het nodig is. We zijn binnen de kunstenaarsvereniging wel afhankelijk van stemmingen en humeuren, dat geeft een zekere golfslag. Over de voortgang kan ik verder weinig zeggen, we zijn afhankelijk van subsidiëring en het engagement van de gemeente Haarlem met De Vishal, die per slot een belangrijke cultuurspeler is in de stad. Selfsupporting zullen we nooit worden. Dat is onze opdracht ook niet. Als je de actuele kunst in Haarlem laagdrempelig wilt helpen, moet je geen kaartjes willen verkopen.”

Interview door Joost Pollmann voor het boek SOLO.
25 kunstenaars uit Castellvm Aqvae | Bloemendaal.
Een eerbetoon aan de weldoeners Corrie en Harry Swaak in De Vishal – Haarlem, 2018

Deelnemende kunstenaars;
Fons Brasser | Jan Jacobs Mulder | Helmuth van Galen | Ronald Ruseler | Sjoerd Buisman | Piet van Leeuwen | Kuno Grommers | Margreet Bouman | Erik de Bree | Andrew March | Piet Zwaanswijk | Arthur Kempenaar | Eric de Nie | Jan Willem Post | Marissa Evers | Jan Polak | Stefan Kasper | Corinne Bonsma | Stance Oonk | Kees Bierman | Tammo Schuringa | Alice Brasser | Vincent Uilenbroek | Michel van Overbeeke | Michiel Hogenboom

Een tentoonstelling voor De Vishal-Haarlem samengesteld door Marissa Evers & Christiaan van Doesburg.