Mette Sterre – Monsters

Van moment naar metamorfose
De wezens in het hoofd van Mette Sterre

Het werk van Mette Sterre leerde ik voor het eerst kennen toen ik als medesamensteller de tentoonstelling Frankenstein maakte voor De Vishal te Haarlem. Het was een ode aan het boek aan het gelijknamige boek uit 1818, de gothic novel, die Mary Shelley als achttienjarige schreef. Hoe actueel het fantasie- en horrorverhaal nog steeds is werd duidelijk door de getoonde hedendaagse kunst. De Mette Sterre (1983) was één van de deelnemers kunstenaars.

Wat is onze ziel?
Leven zonder geschiedenis of achtergrond leidt tot een catastrofe, dat was de kern van het gedachte-experiment van Mary Shelley. Het boek beschrijft het verlangen naar liefde en genegenheid. Vervolgens loopt het verhaal onbeheersbaar uit op haat, moord en doodslag. Als het geweten niet tot wasdom komt, zegt Shelley, ontstaat er door morele leegte een amoreel wangedrocht. De creatie van het kunstmatige wezen dat Victor Frankenstein in elkaar geknutseld had, is in onze tijd geen fantasie meer, maar een veelbesproken werkelijkheid geworden. Staat de leertijd van de jeugd die bij het monster ontbreekt niet gelijk aan de cultuurloze zielen van gewetenloze algoritmen, die sociale profielen aanmaken en ons zonder referentiekader in kaart brengen om mensen daarna levenslang te kunnen achtervolgen? Veel hedendaagse kunstenaars voelen zich, juist in onze tijd, verwant aan de vraag of de natuur zich door de mens onbestraft laat manipuleren of niet, want milieuvraagstukken, gentechnologie, robotisering en onbegrensd dataverkeer vragen vrijwel dagelijks om politieke aandacht en kritische analyse.

Performance en transformatie
Destijds vulde Mette Sterre de tentoonstellingsruimte met wonderlijke pakken, ofwel lichaamsmaskers, die bijna onmogelijk te dragen leken. Monsters noemde zij de gecompliceerde figuren van genaaide stroken vol driehoekige partjes stof, een pak van aan elkaar geknoopte ballen of een enorm doorzichtig wezen van met de hand gesmolten en geknipt polyethyleen. Zij waren behoorlijk moeilijk in de zaal neer te zetten vanwege hun weerbarstigheid en tijdens de opbouw vroeg ik mij af hoe iemand hierin zou passen om ze tot leven te kunnen wekken. Dat dit toch mogelijk bleek werd later duidelijk toen zij tijdens de opening een indrukwekkende performance gaf. Op muziek van de multimedia-kunstenaar Jonas Ohlsson, die ook deel uitmaakte van de tentoonstelling bewoog zij op zijn ritmische klanken, als een duister bijna onderaards duivels karakter, kruipend en stekelig over de bakstenen vloer. Op dat ene moment vond een metamorfose plaats van mens naar een … ja wat eigenlijk? … een soort sprietendier met slangen, horens en schubben dat als een larf was getransformeerd naar een, zoals Sterre het figuur noemde, zwart gat. Het optreden maakte diepe indruk op mij, omdat het zo bijzonder was.

Materiaal bij bedoeling
‘Al die lichaamsmaskers zijn ook een soort van wezens in mijn hoofd en zij leven daar om natuurverschijnselen te verklaren’, vertelt Mette Sterre in haar atelier op de Rijksakademie te Amsterdam, waar zij momenteel als artist-in-residence werkt,’ Mijn pakken noem ik vaak monsters, zoals het van origine ook gebruikt werd, naar het Latijnse monstrum, het mirakel. Aan elk pak zit een verhaal vast, dat krijgt een eigen karakter en symboliseert een thema gebaseerd op maatschappijkritiek of onderzoek. Het motiveert mij vervolgens om een specifiek materiaal te kiezen dat bij mijn bedoeling past. Daarna volgen allerlei stappen en emotionele lagen om een wezen te creëren dat uiteindelijk tot leven gebracht kan worden in een performance. Als die pakken geanimeerd en tot leven zijn gekomen dan kunnen zij elkaar, eenmaal geboren, weer tegenkomen en ontmoeten. Zo zié ik dat tenminste.’

Raadselachtig ballet
Het afgelopen najaar tijdens Rijksakademie Open Studios, toen de ateliers een aantal dagen voor het publiek toegankelijk waren, was haar werk weer te bewonderen. Sterre had haar atelier verduisterd als een donkere grot. De verlichting was schaars met wanden vol broeierige patronen van geplooide, soms glimmende zwarte stoffen. Als je ogen gewend waren aan het duister ontwaarde je vijf wezens die sloom of plotseling grotesk-explosief rond kroelden als levende sculpturen. Een klein, blikken keffertje, zo uit een reclame voor batterijen, waggelde ritmisch tussen de monsters heen en weer. In deze ontheemde wereld bleef je nieuwsgierig hangen, omdat je participant werd in een raadselachtig ballet van schichtige figuren.

Organismen en robotica
‘Voor Rijksakademie Open Studio maakte ik de habitat Enchanted Field Research – Secret_Meetings That_Shape_The_World. Een leefgebied waar organismen, maar ook andere actoren kunnen gedijen. Het is een reflectie op de toekomst én de vraag hoe we kunnen co-existeren met kunstmatige intelligentie, robotica. Wat betekent het om iets als levend te zien en hoe moeten wij dus ook onze blik en definitie van leven bijstellen?’ aldus Sterre. De pakken die ze hiervoor maakte verbeelden het vluchtige, rationele en het lineaire. Op het plafond waren de wezens weer te herkennen, want in een videoprojectie dwarrelden ze in een oneindige leegte rond. ‘Omdat wij als mens minder rationeel handelen dan wij denken, reflecteer ik door normen en waarden, machtsstructuren die ons leven inkapselen, de combinatie van hoge en lage cultuur, mooi en een beetje eng met elkaar te vermengen. Dat wij alleen maar rationele wezens zijn hebben wij lang veel te hoog in het vaandel gehad. Voor mij is het een poging het leven te snappen, maar ik doe het wel met humor, dat relativeert en het houdt je tegelijkertijd scherp.’

Dolend vingerpak
Als klap op de vuurpijl heeft Mette Sterre een ingenieus zalmkleurig vingerpak aan haar wezenswereld toegevoegd. Het binnenwerk bestaat uit bedrading en servomotortjes die tientallen vingers, verspreid over het hele pak, laten draaien. Haar hoofd zit klem tussen bijna niet te onderscheiden handen die haar gezicht omlijsten als iemand die de weg helemaal kwijt is. Het is een verstikkend geheel geworden. Als je het ziet kun je een blije glimlach niet onderdrukken, maar toen Sterre als levend en dolend wezen door de gangen van de Rijksakademie liep kon je het pak bijna niet anders zien als een apocalyptische kracht. Al die vingers die wij zo vaak tegenkomen in onze beeldcultuur: van heiligen en hun zegeningen – of vermaningen, zo je wilt – tot de gevaarlijke straatbendes die met tribale gebaren en tekens respect proberen af te dwingen. Zo niet Mette Sterre. Zij doolde in een zelfgeschapen horrorscenario waarbij ze alle zwarte gaten van onze kennis over de kosmos leek te willen vullen met haar lumineus levenselixer.

Ronald Ruseler, januari 2020

Geraadpleegde bronnen:
Ateliergesprek Mette Sterre, 13 januari 2020.
Rijksacademie Open Studios – 20 november 2019, Amsterdam
FRANKENSTEIN – van 28 april tot en met 27 mei 2018 De Vishal, Haarlem
Met werk van Nathaniel Mellors, Jonas Ohlsson, Koen Vanmechelen, Mette Sterre en Saskia Burggraaf.
Een tentoonstelling samengesteld voor De Vishal in Haarlem door: Annelien Kers en Ronald Ruseler
Performance Mette Sterre & Jonas Ohlsson

geschreven voor Palet Magazine apr/mei 2020.